|
Schriftelijke vragen Verlichting in Tarwewijk
Rotterdam, 26 november 2007
Aan: Dagelijks bestuur deelgemeente Charlois
Ondergetekende wil graag ex artikel 50 Reglement van Orde deelraad Charlois 2005 de volgende schriftelijke
vragen met als onderwerp Verlichting in de Tarwewijk' stellen aan het dagelijks bestuur van
de deelgemeente Charlois.
Ik wil u een aantal situaties schetsen en tevens wat vragen stellen mbt de verlichting in de Tarwewijk.
In oktober 2006 is men begonnen met verlichting te plaatsen op het binnenterrein van de Mijnsherenlaan,
Bas Jungeriusstraat, Bonaventurastraat en Groepstraat. Top op heden is men nog niet in staat geweest deze
verlichting aan te krijgen. Het heeft nog niet gebrand sinds de installatie. Wel heeft het even geflikkerd en
inmiddels zijn we een jaar verder!
1. Waarom is OMIJ tot op heden nog niet in staat geweest deze verlichting te laten branden?
2. Hoe lang moeten bewoners nog waehten op de verlichting van bovengenoemd binnenterrein?
3. Wat is uw mening over deze ontzettend lange levertijd?
Op het binnenterrein mbt Mijnsherenlaan, Bas Jungeriusstraat en Pleinweg is de verlichting aangebracht
door de Nieuwe Unie. Voorheen werd dit binnenterrein doormidden gedeeld middels een illegaal geplaatste poort!
Door renovatiewerkzaamheden is de poort verwijderd en op diezelfde avond is er dus op twee locaties, aan de
Bas Jungeriusstraat ingebroken in panden waar me bezig was met renovatie. Een gedeelte van het binnenterrein
is wel verlicht, namelijk het gedeelte van de Nieuwe Unie.
4. Is het mogelijk dat de deelgemeente zorg gaat dragen dat snel het gehele binnenterrein verlicht gaat worden?
Wegens enge plekken en te weinig licht op straat, heeft de stadsmarinier een aantal maanden geleden (juni/juli),
per direct extra lantarenpalen laten plaatsen op de Bas Jungeriusstraat. De uitvoerder heeft toen duidelijk
aangegeven dat dit niet mogelijk was. Daar de stadsmariniers wils wet is, zijn de lantarenpalen er toch gekozen.
Als noodmaatregel zijn lantarenpalen geplaatst en de stroomvoorziening gaat bovenlangs en word afgekoppeld
van bestaande lantarenpalen die zich bevinden in de aangrenzende zijstraten. Tot op heden is er nog niets
misgegaan. We heeft een hoogwerker tot twee keer toe tegen de bedrading aangezeten en een glazenwasser heeft
bijna een doodsmak gemaakt omdat hij met zijn wisser bleef hangen achter de bedrading. Vandaar dat ik de volgende
schriftelijke vragen stel aan het dagelijks bestuur.
5. Bent u op de hoogte van deze nieuwe vorm van stroomvoorziening?
6. Wie is er verantwoordelijk als er schade en/of letsel ontstaat door toedoen van deze bovenlangs geplaatste
stroomvoorziening?
7. Is dat de uitvoerder, de stadsmarinier of de deelgemeente?
8. Waarom is de stroomvoorziening niet ondergronds uitgevoerd?
9. Hoe lang gaat het nog duren voor de desbetreffende bedrading van de verlichting op een deugdelijke manier
wordt weggewerkt?
In afwachting op uw antwoord, verblijven wij,
Met vriendelijke groet,
Leefbaar Rotterdam
|